Première "A Song Of Silver And Snow"

Première “A Song Of Silver And Snow”

 

Op zaterdag 4 mei speelde fluitiste Isabel Alonso Morillo de première van mijn stuk “A Song of Silver and Snow”, tijdens een lezing van Konrad Maquestieau.

 

De titel is een verwijzing naar de Hokyo Zanmai van meester Tozan: “als een zilveren schaal gevuld met sneeuw…” het volgende vers is: “als een reiger, gehuld in het maanlicht” – dat wordt de titel van een andere compositie voor fluit, ditmaal met pianobegeleiding, waarvoor ik recent een compositie opdracht ontving. De reiger, het zilver, de sneeuw en het maanlicht zijn vier witte objecten in de Chinese poëzie, ze hebben een gelijkaardige tint, maar zijn toch verschillend. Het samengaan van gelijkheid en onderscheid, van het ene en het vele, is een essentieel punt in de zen beoefening, en het achterliggende onderwerp van al mijn muziek

 

In het stuk, dat uit zeven delen bestaat, met een gezamenlijke duur van een 22 minuten, wordt dit samengaan op verschillende manieren gestalte gegeven : er is een voortdurend evenwicht – naar mijn gevoel – een voortdurende communicatie tussen het retorische, vertellende, met zinnen en hoogtepunten, aan de ene kant, en het gewoon in de klank zijn, los van elke logica of volgorde.

 

Isabel Alonso Morillo 

 

22 minuten is in de westerse traditie een extreem lange duur, voor een stuk dat niet wordt begeleid door piano: de werken voor fluit solo van bekende componisten als Claude Debussy of Edgard Varèse duren nauwelijks 3 minuten. Vanuit de shakuhachitraditie durfde ik het toch aan om een zo lang stuk te schrijven… daar vind je dikwijls stukken van een kwartier of zo. De duur is trouwens nodig om wat ruimte te hebben, om de verstandelijke lijn los te laten en terug te komen naar de directe intuïtie van het moment. Ook in het gregoriaans van het Christendom, dat onbegeleid is, vind je lange stukken, ook daar is men niet bang om te saai te zijn, om niks te vertellen… juist dan brengt de muziek ons terug naar het moment.

 

De zeven delen hebben een verschillend karakter; één manier om ze te beluisteren is als een soort verhaal. Het eerste is nogal woelig, maar komt voortdurend terug naar eenvoudige, enkele noten, die steeds anders zijn, en alle klankmogelijkheden van de dwarsfluit gebruiken. Het derde laat elke vertelling los, is puur klank; het vierde ademt dan weer een grote onzekerheid, een verlatenheid, maar is tegelijk heel lyrisch; na een uitbarsting en een meer neutraal tussenspel volgt dan een lang slotdeel, bijna de helft van het hele stuk in lengte, dat rustig ademt en melodie en pure klank diepgaand integreert. Maar zie het niet noodzakelijk als een verslag van een “spirituele zoektocht” of zo: ik zie het liever als een reeks toestanden, die we in alle mogelijke volgordes doorlopen.

 

De Nederlandse radio (BOS, Boeddhistische Omroep Stichting) zal op zaterdag 11 mei een interview over dit stuk – en andere – uitzenden, en zal ook een aantal fragmenten ervan laten horen.

 

 

Luc De Winter

Afdrukken